PS2015: Zeer lage partijtrouw PvdA-kiezers

De opkomst bij de Provinciale Statenverkiezingen op 18 maart 2015 mei was met 47.5 procent laag. Het zijn vooral de vrouwen en laag opgeleiden die thuis zijn gebleven. De 65-plussers hebben aanzienlijk vaker de gang naar de stembus gemaakt dan hun jongere landgenoten. Dat blijkt uit het online onderzoek dat Ipsos gedurende de verkiezingsdag in opdracht van de NOS heeft uitgevoerd, onder een steekproef van 4.178 Nederlanders.

Kijken we naar het electoraat van de Tweede Kamerverkiezingen in 2012, dan zien we dat vooral de achterban van 50PLUS het heeft laten afweten. Van de 50PLUS achterban uit 2012 zijn er zes op de tien thuisgebleven bij de Provinciale Statenverkiezingen. Ook de achterban van de PVV en de PvdA is slechts beperkt opgekomen, maar ietsjes meer dan de helft is gaan stemmen.

De confessionele partijen weten hun electoraat doorgaans het beste te mobiliseren om te gaan stemmen, zo ook bij de Provinciale Statenverkiezingen. Van de SGP achterban is amper één op de zeven thuisgebleven. Ook de ChristenUnie en het CDA kennen een hoge opkomst: bij de Provinciale Statenverkiezingen is ‘slechts’ een kwart van hun Tweede Kamerachterban thuisgebleven.

Van de niet-confessionele partijen is het vooral het electoraat van GroenLinks die zijn gaan stemmen. Amper drie op de tien GroenLinks stemmers bleven thuis. Ook van D66 zijn relatief veel mensen opgekomen: twee derde van de D66 achterban uit 2012 heeft de gang naar de stembus gemaakt. 

Partijtrouw

Sommige partijen weten hun achterban dus beter te mobiliseren dan anderen. Maar gaan stemmen is slechts één ding. Want hebben de mensen die zijn gaan stemmen ook op dezelfde partij als in 2012 gestemd?

Van alle partijen heeft de SGP traditiegetrouw verreweg het meeste uit haar Tweede Kamerachterban weten te halen. Acht op de tien mensen die bij de Tweede Kamerverkiezingen op de SGP heeft gestemd, is bij de Provinciale Statenverkiezingen gaan stemmen én heeft op de SGP gestemd. In dit onderzoek hebben we overigens, vanwege de samenwerking in verschillende provincies, de SGP en ChristenUnie als combinatie beschouwt. Hoewel minder dan de SGP, hebben ook de ChristenUnie en het CDA relatief veel stemmen uit hun Tweede Kamerachterban weten te halen.

Van de niet-confessionele partijen staan GroenLinks en D66 aan kop. Van de mensen die bij de Tweede Kamerverkiezingen op GroenLinks of D66 hebben gestemd, is bijna de helft bij de Provinciale Statenverkiezingen gaan stemmen én hebben op ‘hun’ partij gestemd. 

Als het om partijtrouw gaat, dan is de PvdA verreweg de grootste verliezer. Van de mensen die in 2012 op de PvdA hebben gestemd, is slechts 20 procent bij de Provinciale Statenverkiezingen gaan stemmen én heeft op de PvdA gestemd.

Overgelopen

Had de PvdA al last van veel thuisblijvers, de PvdA heeft van alle partijen ook het meest te kampen gehad met ‘overlopers’. Van de mensen die bij de Tweede Kamerverkiezingen op de PvdA hebben gestemd, heeft liefst een derde nu op een andere partij gestemd. SP was het meest populair, gevolgd door D66 en GroenLinks. Bij de VVD, de andere regeringspartij, heeft bijna een kwart nu op een andere partij gestemd. Dit betrof met name het CDA, gevolgd door de PVV en D66.

Ook GroenLinks verliest kiezers aan andere partijen. GroenLinks mag dan relatief veel kiezers uit 2012 hebben weten te mobiliseren om te gaan stemmen, lang niet al deze kiezers hebben weer op GroenLinks gestemd. Bijna een kwart van de Tweede Kamerachterban van GroenLinks heeft voor een andere partij gekozen, waarbij D66 het meest populair was, gevolgd door de PvdA. 

De resultaten zijn gebaseerd op het online onderzoek, dat Ipsos gedurende de verkiezingsdag heeft uitgevoerd in opdracht van de NOS onder een representatieve steekproef van 4.178 Nederlanders. 

Ipsos Nederland artikel delen via social media